Een fout die me maandelijk 2.500 euro heeft gekost en wat ik ervan leerde
Acht jaar lang werkte ik voor een opdrachtgever voor een tarief dat veel te laag was. Niet omdat ik het niet wist; maar omdat ik te bang was om te stoppen. Dit is wat me dat heeft gekost, en wat ik ervan leerde.
Het begon onschuldig. Een nieuwe opdrachtgever, een tarief van €15 per uur. Ik was nog aan het opbouwen, dus het voelde acceptabel. Tijdelijk, zei ik tegen mezelf. Maar tijdelijk werd een jaar. En een jaar werd acht jaar. In die tijd ging mijn tarief van €15 naar €35. Dat klinkt als groei. maar voor de markt waar ik in zat, was €35 nog steeds veel te weinig. Ik wist het. Ik voelde het. Maar ik deed er niets mee. Tegelijkertijd werkte ik voor andere klanten met een uurtarief van €100 per uur.
Want elke keer dat ik erover nadacht om te stoppen, kwam die ene gedachte: wat als er niets voor in de plaats komt? Ik had die opdracht als een soort veiligheidsnet; voorspelbaar, vertrouwd, altijd daar. Ook al kostte het me meer dan het opleverde. En dat is precies het probleem met opdrachten die je te lang aanhoudt. Ze voelen veilig. Maar ondertussen blokkeren ze de ruimte voor iets beters, beter betaald, leuker werk, klanten die écht bij je passen.
Want wat ik toen niet doorhad: zolang mijn agenda gevuld werd door die ene opdrachtgever, had ik geen tijd, geen energie en geen mentale ruimte om op zoek te gaan naar iets anders. De angst voor het lege gat hield me precies op de plek waar ik niet wilde zijn.
Ik ben een wat als denker. Als het over mezelf gaat ben ik een zware denker. Ik denk na aan alle gevolgen die er kunnen zijn. Er zijn ook lichte mensen, dat kan ik soms ook zijn. Fladderen en gewoon doen. Maar in deze situatie was ik een zware denker. Dit voorbeeld van licht en zwaar denken heb ik geleerd uit het boek De Ondraaglijke Lichtheid van het Bestaan, één van mijn lievelingsboeken.
De opdracht eindigde en wat er daarna gebeurde, was precies het tegenovergestelde van waar ik bang voor was. Omdat er ruimte ontstond (in mijn agenda, in mijn hoofd, in mijn energie) kon ik voor het eerst echt op zoek gaan naar de opdrachtgevers die ik wél wilde. Betere klanten, leukere opdrachten, eerlijke tarieven. Ze kwamen niet vanzelf, maar ik had nu de ruimte om ze te vinden.
Dat is de les die ik sindsdien keer op keer terugzie bij ontwerpers die vastzitten. Niet dat ze slecht zijn in hun vak, of dat er geen betere klanten bestaan. Maar dat de verkeerde opdracht alle ruimte inneemt voor de goede.
Angst voor het lege gat is begrijpelijk. Maar dat gat is geen gevaar, het is de ruimte die je nodig hebt om verder te komen.
Als jij nu ook zo’n opdracht hebt, eentje waarvan je eigenlijk al weet dat het niet meer klopt, maar waar je uit gewoonte of angst aan vasthoudt, dan wil ik je één vraag meegeven: Wat kost het je om te blijven? Niet alleen in geld, maar in tijd, energie en de opdrachten die je er niet door kunt aannemen.
Soms is loslaten niet het riskante. Soms is vasthouden dat.
Keuzes maken zijn spannend, omdat je nooit weet wat er daarna volgt.
